Patrick Sweetlove, huisarts
home raadpleging infomail actueel medische info hyperlinks

Zonovergevoeligheid door medicijnen
(medicamenteuze fotodermatosen)

Zonovergevoeligheid door geneesmiddelen uit zich door huidreacties die ontstaan ten gevolge van blootstelling aan zonlicht of UV-stralen, na het innemen of het plaatselijk aanbrengen van een geneesmiddel. “Medicamenteuze fotodermatosen” heet zoiets in het vakjargon. “Dermatose” is een algemene term voor huidziekte.

Met een verband tussen inname van een geneesmiddel en een fotodermatose moet u rekening houden als de ernst van de letsels niet in verhouding is met de intensiteit van de blootstelling aan zonlicht of UV-stralen; vooral als u vóór de inname van het verdachte geneesmiddel eenzelfde blootstelling aan de zon of UV goed verdroeg.

Patiënten behandeld met fotosensibiliserende geneesmiddelen moeten zich tegen intense blootstelling aan zonlicht of UV-stralen beschermen. Wanneer na toediening van om het even welk geneesmiddel netelroos of een eczeemachtige huidreactie optreedt bij blootstelling aan zonlicht of UV-stralen, is het aanbevolen dat aan uw arts te melden. Het is beter dit geneesmiddel ook later niet meer te gebruiken. Als het geneesmiddel noodzakelijk is moet u blootstelling aan zonlicht of UV-stralen vermijden.

Soorten fotodermatosen

Men onderscheidt fototoxische en fotoallergische dermatosen.

  • Fototoxische dermatosen houden verband met de capaciteit van het geneesmiddel om licht van een bepaalde golflengte te absorberen. De reactie is dosisafhankelijk. Ze wordt vooral gekenmerkt door verbranding (type zonneslag met roodheid en eventueel blaarvorming), die beperkt is tot zones die aan de zon of UV-stralen werden blootgesteld, en snel na blootstelling aan zonlicht of UV-stralen optreedt. De letsels genezen meestal vlot.
    Indien het geneesmiddel niet meer wordt genomen, treden de huidletsels bij vernieuwde blootstelling aan zonlicht of UV-stralen niet opnieuw op. Mits doeltreffende bescherming tegen de zon of de UV-stralen kan het geneesmiddel zonodig opnieuw worden gebruikt.
  • Fotoallergische dermatosen veronderstellen de tussenkomst van het immuunsysteem. Kruisreacties tussen chemisch verwante moleculen zijn mogelijk. De reacties kunnen verschillende vormen aannemen, maar zien er vaak rood en schilferend uit, zoals eczeem. Ze komen vooral (maar niet uitsluitend) voor op de lichaamsdelen die aan zonlicht of UV-stralen werden blootgesteld. Na stoppen van het verantwoordelijke geneesmiddel, of na stoppen van de blootstelling aan de zon of de UV-stralen, verdwijnen de reacties langzaam. Elke - zelfs minieme - blootstelling aan zonlicht of UV-stralen, zal de huidaandoening opnieuw uitlokken of verergeren wanneer het betreffende geneesmiddel wordt ingenomen. In zeldzame gevallen kan het zonlicht alleen, buiten elke inname van het geneesmiddel recidieven veroorzaken.

Eenzelfde geneesmiddel kan zowel een fototoxische als een fotoallergische reactie uitlokken.

Welke geneesmiddelen?

Hieronder volgt een lijst van “actieve stoffen” en geneesmiddelengroepen die fotodermatosen kunnen uitlokken. De groepsnaam van een geneesmiddel vindt u in de bijsluiter. Daar worden ook alle bekende “bijwerkingen” vermeld. Voorbeeld van merknaam, actieve stof, en groepsnaam:
Feldène® is de merknaam van een geneesmiddel. De actieve stof in Feldène® is piroxicam, behorend tot de “oxicam”-groep. De actieve stof in Voltaren® is diclofenac. Piroxicam en diclofenac behoren met nog vele andere tot de groep van de “niet-steroïdale antiinflammatoire middelen”.

De belangrijkste geneesmiddelen(groepen) die fotodermatose kunnen veroorzaken zijn:

  • amiodaron
  • chinolonen
  • fenothiazines
  • kinine
  • lisdiuretica
  • methotrexaat
  • niet-steroïdale antiinflammatoire middelen
  • psoralenen
  • tetracyclines (waarschijnlijk vooral de “actieve stof” doxycycline)
  • sulfamiden (antibacteriële en hypoglykemiërende)
  • thiaziden

Niet-steroïdale anti-inflammatoire middelen werken pijnstillend en ontstekingsremmend. Binnen die groep verschilt het fotosensibiliserend vermogen onderling sterk van stof tot stof. Daarom volgen hier enkele namen van “actieve stoffen”. De naam van de actieve stof in een geneesmiddel wordt zowel op de verpakking als op de bijsluiter weergegeven, naast de merknaam. (voorbeeld)

Meldingen in ons land

In ons land werd sedert 1990 bij het Centrum voor Geneesmiddelenbewaking melding gemaakt van fotoallergische of fototoxische reactie bij de volgende geneesmiddelen: · antibiotica - de tetracycline-groep (doxycycline, minocycline), - de chinolonen-groep (ciprofloxacine, fleroxacine, norfloxacine, norfloxacine, pefloxacine), · de groep van de niet-steroidale anti-inflammatoire farmaca (meloxicam, piroxicam, tenoxicam, ketoprofen, etofenamaat) · de groep van de flbraten (ciprofibraat, fenofibraat). Met uitzondering van de fibraten (cholesterol- en vetverlagende middelen) zijn de fotosensibiliserende eigenschappen van deze geneesmiddelen goed bekend. De informatie in de literatuur over fibraten en fotodermatosen is zeer schaars. Fototoxiciteit wordt wel vermeld in de bijsluiter van fenofibraat (Lipanthyl®).

Gegevens medegedeeld door het Belgisch Centrum voor Geneesmiddelenbewaking. Gebaseerd op een overzichtsartikel in La Revue Prescrire [20, 283-290 (2000)].

Links


Mocht je na het lezen van deze brochure nog vragen hebben, stel ze gerust tijdens de raadpleging!

Dr. Patrick Sweetlove,
Osystraat 41, 2060 Antwerpen
Raadpleging enkel na afspraak op: 03 / 225 24 25.


Terug naar Medische informatie
[Home] [Raadpleging] [Infomail] [Actueel] [Medische info] [Links]